De Lenne: ‘We zullen soms waterschaarste moeten accepteren’droogtecoördinator Robert de Lenne (Foto: Dewi Wender)
Van de redactie | 16-06-2020
REGIO - Vijftig regendagen zijn er nu al nodig om de grondwaterstand op een gemiddeld niveau te brengen.

Met name de zandgronden van Noordoost-Twente zijn droog. Robert de Lenne, droogtecoördinator van Waterschap Vechtstromen en hydroloog, vertelt over de maatregelen die het waterschap neemt. 

“Het is nu al drie keer zo droog als in een normale zomer”, zegt De Lenne. “Het neerslagtekort is vanaf 1 april gerekend 150 millimeter. In een gemiddeld jaar is dat in het groeiseizoen 50 millimeter. Het gevolg is een veel lagere grondwaterstand en die in onder andere Noordoost-Twente nog veel lager is dan in het meer westelijke deel.  In Noordoost-Twente wordt de hoogte van de grondwaterstand bepaald door de hoeveelheid regen. Als er in het gebied vanaf Hengelo en Enschede lang geen regen valt, zie je dat direct terug en je hebt ook geen mogelijkheid om dat op te lossen.”

Waterschap Vechtstromen voert in het lager gelegen deel van Twente water aan uit de IJssel. “We pompen het water op bij Zutphen, in het Twentekanaal en vanuit het Twentekanaal de beken in. Dat kunnen we doen tot bij Delden en richting Almelo. Vanaf Hengelo wordt het moeilijk, we krijgen dat water niet naar Noordoost-Twente, het land ligt daar hoger. Hengelo, Enschede, Ootmarsum, Saasveld, Deurningen, Rossum, Denekamp, Weerselo, Oldenzaal: bij de plaatsen in die regio zien we de gevolgen van de droogte.” Die gevolgen zijn er voor de natuur en de landbouw in Twente.

“In de natuur kan het zijn dat bepaalde plantensoorten niet terugkomen, of in mindere mate. De landbouw heeft het door de droogte ook zwaar en dat zie je één op één terugkomen in de opbrengsten. Een zorgelijk situatie voor de landbouw.” Afvoeren van het water zit in het DNA van de waterbeheerder. Daar is het systeem opgericht: zo weinig mogelijk wateroverlast, dus zo snel mogelijk afvoeren dat water. “De maatregelen die we daarvoor namen, zorgen er nu voor dat het water te snel wegvloeit. Nu is het beter om het water langer vast te houden en de grondwaterstand te verhogen. Daarom maaien we onze watergangen minder. We zetten onze stuwen hoger dan normaal om zo te zorgen dat het water wordt tegengehouden. Maar dat is niet genoeg. Met name in Noordoost-Twente kun je watertekorten niet voorkomen.”

De vraag is hoe het watersysteem in de toekomst ingericht moet worden. “Hoe voeren we in de winter minder water af zodat we in de zomer langer water kunnen gebruiken? We kunnen bijvoorbeeld sloten breder en minder diep maken zodat er minder grondwater uit het omliggende land getrokken wordt. We zijn continu op zoek naar balans tussen te veel en te weinig water. Misschien moeten we weer meer risico nemen op wateroverlast door het water langer vast te houden in het gebied om daardoor in de zomer minder schade te hebben.”

“Of water schaarser wordt? Dat is een vraag die ons bezig houdt. Er moeten keuzes gemaakt worden om schaarste te voorkomen. Er is water nodig als drinkwater, voor de landbouw, voor de natuur. We moeten water sparen, water vasthouden in een gebied. Ook burgers moeten bewuster omgaan met water. Agrariërs kunnen er rekening mee houden met op
welke grond ze welke gewassen telen. Maïs en gras in het gebied waar ook water uit IJssel en Twentekanaal aangevoerd kan worden en koren, dat beter tegen de droogte kan, op de hogere zandgronden. We zullen ook moeten accepteren dat er soms waterschaarste is. We kunnen ons systeem niet zodanig inrichten dat er nooit watertekorten zijn. Daar moeten we heel helder in zijn. We zullen anders om moeten gaan met water.”

Laatste vraag: wordt het water uit onze kraan ook duurder? De Lenne: “Daar gaat het waterschap niet over. Die vraag moet je aan Vitens stellen. Wij moeten er gewoon voor zorgen dat het water langer vastgehouden wordt.”
Volg ons